Onze eerste safari is de wildhut. “De kans om een beer te spotten, mits je stil in de hut blijft, is hier groot,” zegt Sylvia Adams van Amazing Nature Scandinavia, voordat ze ons opsluit in de hut. “Hier in Gästrikland heb je de grootste kans om de levende versie van een teddybeer in het echt te zien. Maar, het dier is echt erg verlegen.”
Mocht je trouwens zelf aan het wandelen zijn en toch (bijna) tegen een beer opbotsen, ren dan niet weg maar blijf rustig. Als je hem in zijn natuurlijke habitat laat, doet hij niks. Wegrennen is niet handig. Een beer kan over korte afstanden een snelheid van 50 km/u halen en tegen een bruine beer van 300 kilo met sterke poten kan je niet op. In de herfst en de winter is de kans dat je een beer spot miniem. In de herfst gaat hij namelijk in winterslaap.
De beer staat wellicht op nummer één van het groot Zweeds wild, maar de andere vijf dieren zijn ook nogal tof. De Zweedse wolf leeft ook hier in Midden-Zweden. Een stuk of 400 tot 500 wolven zijn er in totaal. Net zoals de beer is de wolf eerder verlegen. Ze zijn vooral actief ‘s nachts en zijn goed gecamoufleerd. Het is dan ook een echte uitdaging om de wolf te spotten. De kans dat je zijn gehuil hoort is veel groter. Cliffhanger. We gaan hem deze nacht niet zien, maar zijn aanwezigheid heeft grote invloed op ons.
Een ander schatje is de veelvraat. Wat minder bekend dan wolf en beer maar toch zijn er zo’n 700 in Zweden. De veelvraat wordt soms ook de grote broer van de wezel genoemd. Schapenhouders vinden de veelvraat niet zo tof want hij wil nog wel eens wat van die wollige beestjes als prooi herkennen. “Veelvraten loeren niet op hun prooi, ze gaan er gewoon achteraan,” vertelt Sylvia. “Grote prooien zoals rendieren, herten en schapen worden voornamelijk in de winter gevangen. Door de sneeuw is de veelvraat sneller dan zijn prooi. In de zomer is hij geen beste jager: hij draaft langzaam en maakt veel lawaai. Hierdoor kan zijn prooi gemakkelijk aan hem ontkomen. Maar het is een heftig beestje. Een hongerige veelvraat kan zelfs prooien afpakken van beren en wolven.”
DONDERS EEN DAS
Ondertussen is het diep in de nacht. En Bruintje Beer is nog niet langs komen schommelen. Ik dut wat weg in het stapelbed achter in de hut. “Hej, pssssst,” sist mijn vriendin Silvia. “Kom!” Zo zacht als ik kan glij ik uit het bed. “Kijk,” zegt ze. “Een das!” Ik kijk door de raampjes. In het donker zie ik wat bewegen. We schijnen iets bij en dan is de das prachtig zichtbaar. De grote, brede kop en een zwaargebouwd gedrongen lichaam. De witte streep. De korte poten en de korte, brede, bossige staart. Onverstoord knabbelt hij op het gestrooide graan. Dassen zijn alleseters. Ze zijn slechte jagers en eten dat wat ze direct voor de neus tegenkomen. Wow. Prachtig.
Zijn burcht moet in de buurt zijn. De das is een nachtdier, die in de schemering zijn burcht verlaat en op zoek gaat naar voedsel, tot op een afstand van een tot twee, soms vier kilometer van de burcht. De das is een stil dier, toch kan hij veel verschillende geluiden maken. Ik hoor hem tokkende, snuivende en grommende geluiden maken.
Maar onze grote vriend de beer komt niet opdagen. De volgende dag leren we ook waarom. Die andere grote vriend, de wolf, heeft pardoes tegen onze wildhut staan wateren om zijn territorium af te bakenen. En wolven en beren? Geen vrienden. “De beer moet het wolvenwater geroken hebben,” weet Sylvia. De natuur geeft geen garanties.
Direct na de wildhut rijden we door naar een plaatsje met de illustere naam Kloten. Maar dat is het niet. Wel is het er bijzonder mooi. En bijzonder geschikt voor onze volgende safari. De eland is misschien niet het gevaarlijkste dier van Zweden, maar het is absoluut de zoölogische superster van deze contreien. Je zou hem bijna de mascotte van Zweden kunnen noemen. Te zien op bumperstickers, T-shirts en zelfs ovenwanten.
De Zweedse roofdieren zijn niet zo makkelijk te vinden, maar de kans dat je op een elandensafari een eland tegenkomt is groot. Zo groot zelfs dat onze elandgids Mikael een garantie ervoor afgeeft. “De eland is overal in Zweden te vinden. In de zomer zijn er ongeveer 300.000 tot 400.000 elanden,” vertelt Mikael, indrukwekkend gekleed in een volledig elandleren pak. “Verwacht niet dat je op iedere hoek een eland tegenkomt, je moet wat tijd doorbrengen in het bos of goed zoeken in open gebieden omdat je ze daar nou eenmaal gemakkelijker kunt zien.” Om elanden te zien, moet je afstand afleggen. Deze safari is dan ook deels met de wagen. Mikael kent de plekjes als geen ander. Wanneer hij denkt dat er wel eens elanden zouden kunnen zitten, gaat hij ultra langzaam rijden. “Kijk daar,” wijst Stan, de videoman. Maar deze eland was ons iets te snel af. We zien hem nog net verdwijnen tussen de bomen.
Even later komen we op een open plek. “Sssst,” zegt Mikael. “We gaan heel zachtjes uit de auto stappen. Pas op met de deur. En niet praten!” Zo stil als mogelijk stappen we uit. In het veld staan vier indrukwekkende elanden. Elanden kunnen wel 25 jaar oud worden en 2 meter 10 hoog op schouderhoogte. Het zijn ook nog eens zware jongens: de mannelijke elanden kunnen tot wel 850 kilo wegen. “Ze zien ons,” zegt Silvia. Ja, dat klopt. Ze hebben ons in de smiezen, maar rennen doen ze niet. De beesten staren naar ons en wij staren naar de beesten. Een hert heeft ons ook in de gaten en neemt gillend (nooit geweten dat herten gillen) en met vier poten in de lucht springend de kuierlatten. Na verloop van tijd verdwijnen ook de elanden, waarschijnlijk hadden ze genoeg van ons gezien. Maar, we zitten nog geen vijf minuten weer in de auto als een moeder en haar kalf midden voor ons op de weg gaan staan. En ook deze elanden rennen niet maar staren ons aan. Ik denk dat de elanden denken dat we ze niet zien als ze niet bewegen. Overigens niet de handigste manier van verdedigen tegen jagers.
We hadden al een buizerd gezien, gevederd wild. En een specht. Voor vogelaars is midden Zweden ook prima een paradijs te noemen. Om onze dosis vliegend wild te vergroten, gaan we voor dag en dauw op en rijden naar het Mälaren meer, dit is het op twee na grootste meer in Zweden.
Vliegende pappenheimers
Vind je het tof wat we doen? Help ons de inspirerendste reisverhalen ter wereld te blijven delen. Bij WideOyster geloven we in avontuur, in eerlijke verhalen, en in het vangen van de wereld zoals die écht is: rauw, puur en adembenemend mooi.
We reizen naar de uithoeken van de wereld om je te trakteren op betoverende fotografie, diepgravende reisjournalistiek en meeslepende verhalen die informeren én inspireren. Maar voor niets gaat de zon op. Het kost tijd, hartstocht en middelen om WideOyster draaiende te houden – zonder paywalls, zonder clickbait. Gewoon eerlijke, hoogwaardige reiscontent.
Waardeer je wat we doen, steun ons dan met een eenmalige bijdrage.
Klik hieronder om ons te steunen en deel uit te maken van het avontuur.
©WideOyster, 2026. Al onze avonturen zijn auteursrechtelijk beschermd. Ontdek en geniet, maar onthoud: alle rechten voorbehouden.
WideOyster Media BV
Jacobsgasthuissteeg 11
Utrecht
The Netherlands
Net zoals elke reis snacks nodig heeft, heeft onze website cookies nodig om te functioneren. Accepteer onze cookies en laat het avontuur beginnen! Lees ons Privacybeleid.